Meer gezondheidsklachten door sportprestatieverhogende middelen

Vijftien procent van de wekelijkse sporters van vijftien jaar en ouder die in 2024 weleens een sportprestatieverhogend middel gebruikte, ervaarde gezondheidsklachten door het gebruik van deze middelen. In 2016 was dit nog vijf procent. Van de mensen met klachten zocht één op de vijf medische hulp. Dat blijkt uit recent onderzoek van het RIVM. Gebruikers zijn met name jongvolwassenen, mannen en krachtsporters. Zij geven aan vooral sportvoedingssupplementen zoals eiwitpreparaten, cafeïne, creatine of een pre-workout product in te nemen. 

Sportprestatie‑verhogende middelen

De RIVM‑kennisnotitie beschrijft het actuele gebruik, de veiligheid en de gezondheidsrisico’s van sportprestatie‑verhogende middelen in Nederland. Deze middelen omvatten zowel doping (zoals anabole steroïden, EPO en amfetaminen) als sportvoedingssupplementen zoals eiwitpreparaten, creatine, cafeïneproducten en pre‑workoutformules. De gegevens zijn afkomstig uit de Leefstijlmonitor (LSM‑A Middelen) en verdiepend onderzoek onder amateursporters.

In 2024 gaf 0,6% van de bevolking van vijftien jaar en ouder aan deze middelen in het afgelopen jaar te hebben gebruikt. Onder wekelijkse sporters is dit 0,8%. Het gaat vooral om sportvoedingssupplementen, niet om doping. Vooral jongvolwassen mannen (15–34 jaar), krachtsporters, fitnessers en voetballers gebruiken deze middelen. De belangrijkste redenen zijn beter presteren tijdens trainingen (82%), sneller herstellen (55%), gespierder worden (39%) en duurprestatie verbeteren (29%).

Gezondheidsklachten en veiligheid 

15% van de gebruikers rapporteert klachten; in verdiepend onderzoek zelfs 40–47% bij pre‑ en post‑workoutproducten. Voor dit onderzoek is gebruikgemaakt van gegevens uit de Leefstijlmonitor (RIVM, Trimbos-instituut en CBS). Hieruit blijkt dat het gebruik van sportprestatieverhogende middelen laag is. Dit is waarschijnlijk een onderschatting, bijvoorbeeld omdat mensen het gebruik van (verboden) middelen minder snel toegeven en omdat zij sportvoedingssupplementen niet altijd als sportprestatie-verhogend zien. Andere onderzoeken, waaronder eerder onderzoek van het RIVM, laten zien dat het gebruik van specifieke middelen als workout-supplementen hoger kan liggen (26-30 procent onder wekelijkse amateursporters 15 t/m 54 jaar). Ook lag in het onderzoek van destijds het percentage gebruikers met klachten hoger (40-47 procent). De verschillen tussen beide onderzoeken komen door een verschil in vraagstelling en producten die zijn nagevraagd.

Pre- en postworkout producten

.

Zogenaamde “pre-workout” producten kunnen door sporters worden gebruikt voorafgaand aan de sportsessie, of te wel workout, om de prestatie tijdens de workout zelf te bevorderen (meer energie, beter uithoudingsvermogen, meer kracht kunnen leveren, betere focus). 

Anderzijds kunnen er na de workout “post-workout” producten worden gebruikt om de beoogde effecten van de workout te optimaliseren en de gebruiker sneller klaar te maken voor de volgende workout (versneld herstel, bevordering van spiergroei, aanvulling van verbruikte brandstoffen). De meest voorkomende pre- en post-workout producten zijn producten zoals eiwitpoeders (zoals whey protein) of producten die voornamelijk bestaan uit aminozuren (zoals BCAA), magnesium en creatine.

Van de gebruikers van sportprestatie-verhogende middelen ervaarde 15% gezondheidsklachten. Dit is een stijging ten opzichte van eerdere jaren (van 5% naar 15%), maar mogelijk nog een onderschatting. Van de gebruikers van sportprestatie-verhogende middelen met gezondheidsklachten zocht 20% medische hulp.

Consumenten blijven informeren

De verwachting is dat het gebruik van sportprestatieverhogende middelen tot 2030 zal toenemen. Het RIVM beveelt daarom aan om de consument te blijven informeren over de gezondheidsrisico’s van deze producten. Mogelijk is de gebruiker zich hier niet altijd bewust van. Zo is van cafeïne bekend dat maximaal 400 milligram per dag en 200 milligram per enkele dosis als veilig kan worden beschouwd. Maar sommige producten bevatten bij een aanbevolen gebruikshoeveelheid al meer dan deze veilige dosering. Ook kan de veilige dosering door zogeheten combinatiegebruik (bijvoorbeeld supplementen innemen en koffiedrinken) worden overschreden. Te veel cafeïne kan klachten veroorzaken, zoals hoofdpijn, verhoogde hartslag, te hoge bloeddruk, rusteloosheid en slaapproblemen.   

Gebruik en markt blijven onderzoeken

Het is belangrijk om het gebruik van sportprestatieverhogende middelen en klachten te blijven onderzoeken. Het RIVM adviseert om hierbij in de toekomst in de Leefstijlmonitor ook specifiek te vragen naar het gebruik van sportvoedingssupplementen en de hoeveelheid van de producten dat gebruikt wordt. Daarnaast is het belangrijk om het type gezondheidsklachten uit te vragen of de combinatie van gebruik met andere middelen (zoals energiedrank) en medicijnen (zoals slaapmiddelen). Een andere aanbeveling is om de ingrediënten van de middelen die op de markt zijn te blijven volgen, bijvoorbeeld door regelmatig onderzoek te doen onder sporters. Ook kan er meer onderzoek gedaan worden naar het verschil tussen de aanbevolen en daadwerkelijke dosering. Hiermee kan een inschatting worden gemaakt van de gezondheidsrisico’s. 

Online verkoopkanalen

Het RIVM adviseert om meer aandacht te hebben voor online verkoopkanalen, waar het toezicht beperkt is. En om gebruikers van sportprestatie-verhogende middelen en consumenten in het algemeen te informeren over de risico’s op gezondheidsklachten. Ook is het belangrijk om de ingrediënten van de middelen die op de markt zijn te blijven monitoren om een inschatting te kunnen maken van de gezondheidsrisico’s.

Bron: Kennisnotitie Gebruik en veiligheid van sportprestatie-verhogende middelen, RIVM, maart 2026

OVER ONS | ALGEMENE VOORWAARDEN | PRIVACY | AUTEURS | CONTACT

Platform Voeding is onderdeel van Academic Journals. Alle rechten voorbehouden.